U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

Standaardbeschrijving Leeuwenkopdwerg:

 

Het land van oorsprong is Engeland.

Is in Nederland erkend in 2018, voorlopig t/m 31 maart 2021.

 

Genetische symbolen voor rhön:

ABcchDej (Int.)                   achibjCDG (Duits)

ABcchDej                              achi bjCDG

 

Puntenschaal Groep 7. Bijzondere haarstructuur

Leeuwenkopdwerg

Pos.

Onderdeel

Punten

1

Gewicht

10

2

Type, bouw en stelling

20

3

Pels en pelsconditie

20

4

Manen, baarden en pony

15

5

Kop en oren

15

6

Kleur

15

7

Lichaamsconditie en verzorging

5

 

Totaal

100

 

1. Gewicht

Het gewicht is 1300 tot 1900 gram.

Puntenschaal voor het gewicht:

Gew. (g)

   1300-

   1350

    1360-

    1400

  1410-

  1800

    1810-

    1900

Punten

8

       9

     10

       9

 

2. Type, bouw en stelling

Het type is iets gestrekt (typegroep B). De bouw is stevig, breed in schouders met goed gevulde  achterhand. De borst sterk ontwikkeld. De nek is kort en krachtig. De benen zijn recht, kort en stevig. Het ras heeft een middelhoge stelling. Een juiste stelling toont de aanwezige rasadel.

 

3. Pels en pelsconditie

De pels op de rug en buik is van normale lengte, dicht ingeplant, rijk aan onderhaar, iets fijn van structuur en glanzend. Tot op een leeftijd van 5 maanden kan de beharing aan de onderzijde van de flanken langer zijn. Dit is toegestaan. Aan de onderzijde van de dijen, de achterhand en de voor-en achterbenen is de beharing iets langer. De beharing op het voorhoofd is iets langer dan bij een normaalhaarras, echter aanmerkelijk korter dan de manen. De snuit en oren zijn normaal behaard.

Pelsconditie: zie het algemene gedeelte.     

 

4. Manen, baarden en pony

De manen zijn van een zeer fijne structuur en licht gegolfd. De manen hebben een minimum lengte van 6 cm. Ze vormen een cirkel rondom de kop, en bevinden zich in de nek en op de schouders. Vervolgens gaan de manen over in de langere beharing op de wangen, de zogenaamde baardbeharing. De ogen zijn niet bedekt. De langere beharing op de bovenste helft van de borst maakt de cirkel compleet. Over de ooraanzet valt de langere beharing naar voren, pony genaamd.

 

5. Kop en oren

De kop is krachtig ontwikkeld met breed voorhoofd, brede snuit en sterk ontwikkelde kaken en wangen. Het neusbeen is iets gebogen. De oorlengte is 6 - 8 cm, ideaal is 6.5 tot 7.5 cm. De oren zijn stevig van structuur,  zijn goed behaard en worden V-vormig gedragen. Het geheel in harmonie met het lichaam.

 

6. Kleur/Tekening

Voorlopig erkend in Rhöntekening.

De tekening bestaat uit vlekken, strepen en punten. De tekening is gelijkmatig over lichaam, kop, oren en benen verdeeld. In het totale kleurenbeeld overheerst wit in geringe mate over de tekening. De staart is wit of gekleurd.

De basiskleur is parelwit veroorzaakt door de chinchillafactor. De kleur van de tekening is grijszwart tot zwart. Hoe intenser en helderder de kleuren zijn des te beter is het kleurenbeeld. De oogkleur is donkerbruin. De nagels zijn hoornkleurig tot donkerhoornkleurig. De snorharen hebben de kleur van het tekeningbeeld waarin ze staan.

 

7. Lichaamsconditie en verzorging

Zie het algemene gedeelte.

 

Lichte fouten

Geringe afwijking in type. Geringe afwijking in bouw. Iets lange beharing op onderzijde flanken bij dieren ouder dan 5 maanden. Iets lange beharing op oren. Iets minder ontwikkelde beharing op onderzijde achterhand. Iets lange beharing op kop. Iets minder ontwikkelde manen, baarden en pony. Iets vervilting van de pels.

Het ontbreken van de tekening op één oor of op beide voorbenen, Iets drukke tekening. Iets grove tekening. Iets verwaterde tekening. Gedeelde koptekening zoals bij het Eksterkonijn. Iets gele of bruine aanslag. Iets matte kleur tekening. Iets lichte kleur tekening. Iets lichte nagelkleur.

Zie verder lichte fouten in het algemene gedeelte.

 

Zware fouten

Grote afwijking in type. Grote afwijking in bouw. Te lange beharing op onderzijde flanken bij dieren ouder dan 5 maanden. Ontbreken van lange beharing op de onderzijde van dijen en achterhand. Het aanwezig zijn van oorpluimen. Te lange beharing op kop. Ontbreken van de manen, pony en/of baarden. Sterke vervilting van de pels.

Geheel ontbreken van de tekening op de kop. Geheel ontbreken van de tekening op beide oren. Kruisgewijze gedeelde koptekening en oortekening zoals bij het Eksterkonijn. Te grote tekeningsvelden. Velden zonder tekening met een grootte van meer dan een kwart van het lichaam. Sterk verwaterde kleur tekening. Afwijkende kleur. Kleurloze nagels.

Zie verder zware fouten in het algemene gedeelte.